Overig
In magazijnen en distributiecentra rondom Apeldoorn, Deventer en Zutphen is een stille verschuiving gaande. Waar LPG-heftrucks jarenlang de standaard waren, kiezen steeds meer ondernemers voor elektrische alternatieven. Die keuze wordt niet alleen gedreven door strengere milieuregelgeving, maar ook door lagere operationele kosten en het simpele feit dat uitlaatgassen in een binnenruimte niet meer acceptabel zijn.
De regio heeft de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in logistiek en distributie. Langs de A1 en A50 zijn nieuwe bedrijfshallen verrezen, en bestaande magazijnen worden opgeschaald. Met die groei komt onvermijdelijk de vraag hoe je intern transport efficiënt en toekomstbestendig inricht.
Specialisten in intern transport, zoals het in Tiel gevestigde www.kroonheuvel.nl, merken dat de vraag naar elektrische heftrucks, stapelaars en palletwagens jaarlijks toeneemt. Bedrijven die de overstap maken, rapporteren doorgaans dat hun onderhoudskosten fors dalen doordat elektrische machines aanzienlijk minder slijtgevoelige onderdelen bevatten. Het wegvallen van kosten voor oliefilters, bougies en uitlaatsystemen tikt over een periode van vijf jaar behoorlijk aan.
Sinds de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 gelden er striktere normen voor luchtkwaliteit op de werkplek, ook in gesloten bedrijfsruimtes. Werkgevers zijn verplicht om blootstelling aan schadelijke stoffen, waaronder uitlaatgassen van verbrandingsmotoren, te beperken. Dat maakt het gebruik van diesel- of LPG-machines in gesloten hallen in de praktijk steeds lastiger.
Een productiebedrijf in Deventer met twee heftrucks staat voor dezelfde keuze als een groot distributiecentrum in Apeldoorn met twintig machines. Het verschil zit in de schaal, niet in de urgentie. Beide moeten voldoen aan dezelfde normen, en het alternatief van dure afzuiginstallaties is zelden de meest kostenefficiënte route.
Elektrische heftrucks produceren nul directe emissies. Dat maakt ze niet alleen geschikt voor binnengebruik, maar ook waardevol voor bedrijven die duurzaamheidscijfers moeten overleggen aan opdrachtgevers. In sectoren als retail en food logistics is dat in 2026 eerder regel dan uitzondering.
Een veelgehoord bezwaar is dat elektrische machines duurder zijn in aanschaf. De catalogusprijs van een elektrische heftruck ligt doorgaans 10 tot 15 procent hoger dan die van een vergelijkbare LPG-variant. Maar die vergelijking vertelt slechts de helft van het verhaal zodra je de totale eigendomskosten over vijf jaar bekijkt.
Elektrische machines hebben minder bewegende onderdelen dan hun fossiele tegenhangers. Een volledige laadbeurt kost bij huidige stroomtarieven tussen de 3 en 5 euro, terwijl een dag op LPG al snel het dubbele bedraagt. Over een jaar met 250 werkdagen loopt dat verschil op tot enkele duizenden euro’s.
De Nederlandse overheid stimuleert de overstap via fiscale regelingen. Via de Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) en de Milieu-investeringsaftrek (MIA) kunnen ondernemers een deel van hun investering fiscaal terugverdienen. Bij een investering van 50.000 euro in emissievrij materieel kan het fiscale voordeel oplopen tot enkele duizenden euro’s. Leveranciers als Kroonheuvel nemen dit soort berekeningen doorgaans mee in hun adviesgesprekken met klanten.
Bedrijventerreinen als Apeldoorn-Noord en De Koppel in Deventer trekken steeds meer logistieke bedrijven aan. De strategische ligging tussen de Randstad en Oost-Nederland maakt de Stedendriehoek aantrekkelijk voor distributie en e-commerce fulfillment. Dat vertaalt zich direct in een groeiende behoefte aan professioneel intern transport.
Het gaat daarbij niet alleen om heftrucks. Reachtrucks voor stellingen tot twaalf meter hoog, elektrische palletwagens voor orderpicking en hoogwerkers voor onderhoudswerkzaamheden maken allemaal deel uit van een modern magazijn. Een goede leverancier denkt mee over de samenstelling van het complete wagenpark, afgestemd op de specifieke inrichting van de bedrijfsruimte.
Bedrijven die hun bestaande machines willen vervangen, kunnen via www.kroonheuvel.nl hun oude heftrucks of stapelaars laten taxeren voor inruil. Dat verlaagt de drempel om over te stappen en voorkomt dat verouderde dieselmachines ongebruikt ruimte innemen. Met vervangende machines tijdens reparaties hoeft de dagelijkse operatie bovendien niet stil te liggen.
In de Stedendriehoek zijn het vooral middelgrote bedrijven in productie en distributie die de komende jaren de overstap naar elektrisch intern transport zullen maken. De combinatie van regelgeving, dalende aanschafprijzen en bewezen lagere exploitatiekosten maakt 2026 voor veel ondernemers in deze regio het logische kantelpunt.