Columns
Peter van den Boom
Dat heb ik weer. De door mij op maandagochtend zo gewaardeerde rust in huis wordt deze keer behoorlijk verstoord. Iemand is, verderop in de straat, zo te horen iets met geweld aan het afbreken. Zo kan ik dus echt niet rustig aan de nieuwe werkweek beginnen. Ik kijk eerst uit het keukenraam vanwaar de straat naar twee kanten beloerbaar is. Daarna speur ik met een zoekende blik door het achterraam in de woonkamer naar links en rechts, hang zelfs uit het zolderraam voor een helikopterview. Nergens niks zichtbare activiteit. Geen slordig geparkeerde busjes zonder opschrift of een foeilelijke container met bouwafval.
Het lawaai klinkt niet eens heel hard, maar het is allemaal net luid genoeg om me aan te ergeren. Bovendien komt het onregelmatig door alsof er steeds een korte pauze wordt genomen. Vast logisch gezien het veronderstelde zware werk, maar het telkens terugkerende gehak na zo’n heerlijk moment van stilte is elke keer een kleine teleurstelling die ik moet verwerken. Dit gaat nog wel even duren, schat ik zo in.
Terwijl ik toch maar weer probeer om aan het werk te gaan, wordt er ergens in een huis in de buurt iets lelijks en gedateerds met grof geweld verwijderd om plaats te maken voor iets mooiers. Iets dat beter past bij het huis, de bewoners of hun wensen. Tenminste, dat hoop ik dan maar. Het is mijn moeizame poging me te verzoenen met het onvermijdelijke lot dat mij deze ochtend een lelijke poets heeft gebakken. Elke andere, minder positieve gedachte over het onzichtbare geklus zou de bijbehorende geluiden trouwens pas echt onverdraaglijk maken. Natuurlijk kan ik ondertussen muziek opzetten, en dat doe ik dus ook, maar na een tijdje voelt dat toch alsof ik het ene storende element vervang door het andere. Ik ben dan wel een enorme muziekliefhebber, maar bij wat ik nu moet gaan schrijven kan ik effe geen geluid hebben. En oordopjes indoen gaat me echt te ver. Afijn, met een voor de maandagochtend ongekende verbetenheid gesel ik het toetsenbord. En zie, na een dik uur doorwerken is er zowaar een bijzonder lezenswaardig stuk op de voorheen blanco pagina verschenen. Tevreden sla ik het document op, gepast begeleid door een jubelende cirkelzaag. Tijd voor koffie.