Stedendriehoek

VETARM

‘En wilt u daar een beetje slagroom bij?’
Acht heeft de slagroomspuit, Elf is na kop twintig behendig met de soeplepel. Het is ijskoud, maar dat wordt ons alleen verteld. We voelen kriebels, de winterwolkjes deren ons niet. De chocomel pruttelt gezellig in de pot en het loopt inmiddels als de gesmeerde bliksem.
De meneer wil wel een toefje, mevrouw vraagt of we vetarme slagroom hebben. Elf en Acht zijn lieve muiters, ze leren graag over het horecavak.
De basis zit er aardig in, vandaag ging om het finetunen. Belangstellende vragen stellen aan de mensen, een complimentje geven. Nadat ze hun kopje warme choco op hebben, ze een fijne dag wensen. Ik ben ze het hele riedeltje een beetje aan het voorkauwen als Elf vraagt waarom we dat doen. Aardig. Meedenkend. Behulpzaam.
‘Hoe bedoel je dat?’ vraag ik.
‘Nou, waarom zou je níet behulpzaam zijn?’
Goeie vraag, Acht denkt het te weten.
‘Het scheelt tijd. En je hebt het risico,’ en ze spuit een toef slagroom op haar wijsvinger, ‘dat mensen onaardig terugdoen. Dan word je sip. En dan is alle moeite voor niks geweest.’
Elf lijkt niet overtuigd. Haar bril beslagen van de chocowalm, een fleecejack voor de kou.
‘Ik vind het niet moeilijk om aardig te zijn. Dus dan is het ook niet zonde van mijn moeite.’
Acht doet het ervoor en controleert de kaarsjes op de kersttafeltjes. Net als een kwartier geleden, maar je kan beter het zekere voor het onzekere nemen.
‘Het is aardig om lief te zijn. Je moet goed bedenken wat jij fijn zou hebben gevonden als je de ander was.’
Elf frummelt wat aan de kerstservetjes en pakt een versgebakken speculaasje.
‘Maar hoe kan het dan dat er oorlog is in de wereld? Als helpen gewoon goed is en iedereen het eigenlijk leuk vindt om wat voor een ander te doen?’
Ik schraap mijn keel. ‘Dat is een goeie vraag en ik heb het antwoord niet. En als ik eerlijk ben, denk ik die leiders zelf ook niet.’
Er komt een oude dame aangescharreld. Dikke wollen jas, een muts met hopelijk nepbont. ‘Wat ziet u er mooi uit,’ begint Elf. De vrouw licht op, Elf straalt. Als je niet goed voor een ander kan zijn, dan ben je eigenlijk vet arm.