Algemeen
De winter staat voor de deur
De eerste koude nachten van het jaar komen eraan. In Apeldoorn staan dertig strooiwagens, vier sproeimachines en veertig medewerkers van de strooiploeg klaar voor de winter. Coördinator Gert Zwols kijkt naar de weersvoorspellingen en besluit wanneer de ploeg uitrijdt.
Wanneer wordt er gestrooid?
Het werk van de strooiploeg is wisselvallig. Net als het weer. En toch staat de Apeldoornse strooiploeg vaak voor dag en dauw op, om onze wegen begaanbaar en veilig te houden. Een typische ochtend of avond bestaat niet.
Gert legt uit: “We gebruiken lokale meetpunten om te checken hoe koud het is. Op basis daarvan beslist de strooiploeg of we moeten strooien of niet.” Als de voorspelling vorst aangeeft, gaat de ploeg rond 19.00 uur naar buiten om preventief zout of pekel op de wegen te strooien. Gert Zwols: “Wat de meeste mensen niet weten, is dat we meestal al strooien als het nat en koud is. Dan blijft het zout beter op de weg liggen.”
Wegen en fietspaden krijgen prioriteit
De strooiwagens rijden volgens een vast schema en bestrijken ongeveer 700 kilometer aan wegen, busroutes en fietsroutes. Hoofdwegen en drukke routes, zoals rond scholen of werkzones, krijgen als eerste aandacht.
De vier nieuwe sproeimachines worden vooral ingezet op de drukkere fietsroutes in Apeldoorn. Het gaat om 14 belangrijke fietspaden, die in overleg met de Fietsersbond zijn bepaald. De machines gebruiken pekelwater, wat als voordeel heeft dat het meteen werkt bij gladheid. Zo probeert de ploeg ervoor te zorgen dat vrijwel iedere inwoner snel bij een begaanbare weg of veilige fietsroute kan komen.
Wat gebeurt er bij sneeuw of hevige vorst?
“Als het flink sneeuwt, trekken we er allemaal op uit”, vertelt Gert. Dan gaan alle 30 strooivoertuigen de weg op, aangevuld met tractoren om belangrijke kruispunten snel sneeuwvrij te maken. Ook wordt extra aandacht besteed aan plekken zoals verzorgingstehuizen, waar de voetpaden handmatig sneeuwvrij worden gemaakt.
Strooiploeg van formaat
De strooiploeg staat elke dag met 100 medewerkers klaar om 700 kilometer wegdek en fietspad te bestrooien en te schuiven. Maar wat is er verder nodig om de gladheid te bedwingen?
30 strooiwagens, 4 traktoren en 750 ton zout.
Goed voorbereid de winter in
Al in het vroege najaar bereidt de gemeente zich voor op het winterse weer. De strooiploeg test de voertuigen en routes, zodat alles klaar is voor het winterseizoen. “Het is een mooie manier om weer in het ritme te komen en te zorgen dat iedereen weet wat er moet gebeuren”, vertelt Zwols.
Soms is niet elk straatje aan de beurt
Niet elke straat of elk pad kan gestrooid worden. Grote voertuigen kunnen niet door smalle straten, en strooien met zout of pekel kan dan eerder voor meer problemen zorgen. Daarom concentreert de ploeg zich op de wegen en fietspaden waar verkeer, openbaar vervoer, werk of school samenkomen.
Samen houden we Apeldoorn veilig
Wanneer de zon opkomt en de eerste bewoners de weg op gaan, liggen de wegen er meestal begaanbaar bij. De strooiploeg zet zich maximaal in, maar kan niet overal tegelijk zijn. “Ondanks onze strooiacties in de vroege uurtjes en gedurende de dag, kan het nog steeds glad zijn op de wegen. Let daarom altijd goed op als u de weg op gaat. En kijk vooral ook om naar elkaar.”
Veelgestelde vragen
Ondanks de inspanningen van de strooiploeg, blijven vragen komen. Een veelgehoorde vraag is: ‘Waarom wordt niet elke straat meegenomen?’ Zwols legt uit: “Met onze grote voertuigen in smalle straten maken we het alleen maar erger. Sneeuw en ijs schuiven dan naar de auto’s toe, waardoor ze vast komen te zitten. We moeten keuzes maken, maar doen wat we kunnen om hoofdwegen en fietspaden veilig te houden.
Ook over fietspaden krijgen we regelmatig vragen. Soms lijkt het alsof we daar niet strooien, maar dat is wel zo. We sproeien daar met pekelwater gemengd met zout. Door het pekelwater ziet u het zout niet, maar dat betekent niet dat we er niet zijn geweest. De fietspaden zijn een belangrijk onderdeel van onze routes, zeker ook rondom scholen. We gaan zo vroeg mogelijk ons bed uit, om alles mee te pakken voordat de rest van Apeldoorn de deur uit gaat.”