Sport

Frank Baak verdeelt spel DraismaDynamo achter laptop en webcam

APELDOORN – Aan het net moet het gebeuren. Alvorens de eerste opslag wordt geslagen, zijn echter alle denkbare statistieken al zorgvuldig uitgeplozen. Service, blokkering, aanval, pass. In het moderne topvolleybal wordt alles tot in de kleinste details bijgehouden. Laptop en webcam zijn niet meer weg te denken. Data-analisten en scouts zorgen voor de aanvoer van de gegevens waarop trainers hun strijdplannen baseren. Draisma Dynamo maakt hiervoor voor het derde opeenvolgende seizoen gebruik van de expertise van Frank Baak. “Ik houd alles bij”, maakt de 27-jarige Bredanaar duidelijk dat hem weinig ontgaat.

Mocht Draisma Dynamo’s data-analist onverhoopt eens iets over het hoofd zien, dan maken de spelers hem er wel op attent. Geen enkele topvolleyballer wil dat een punt dat hem toekomt aan een ander wordt toegekend. “Het komt een enkele keer wel eens voor dat ik er naast zit. Soms gaat iets zó snel dat ik het niet direct zie. Bij een kill-block is degene die het hardst juicht dan meestal degene die heeft gescoord. Die ene procent die ik mis, levert meteen commentaar op. Dat krijg ik direct te horen. Vorig jaar zaten er bij ons drie Wessels in het team. Riepen ze na een driemansblok: Frank, Wessel had ‘m…”, reageert Baak lachend op hoe de humor gelukkig niet ondersneeuwt temidden van alle kille cijfers.

 

Zijn eigen volleybalcarrière duurde slechts kort. “Door mijn lengte was ik vaak geblesseerd. Mijn knie raakte overbelast als ik sprong.” Via via raakte de in het dagelijkse leven als websitebouwer werkzame Brabander desondanks in het topvolleybal verzeild. Bij Nesselande beleefde hij ruim acht jaar geleden zijn vuurdoop. Nadien zat Baak namens SSS, Fusion Rotterdam en het Belgische Puurs bovenop de cijfers. Sinds 2015 levert hij de benodigde input aan de technische staf van Draisma Dynamo. Klassiek voorbeeld van een uit de hand gelopen hobby. “Ik vind het leuk om iets bij te dragen aan een topteam”, geeft Baak aan wat hem drijft.

 

De software engineer ondersteunt hoofdcoach Bas Hellinga en diens assistent Justin Sombroek voorafgaand aan en gedurende wedstrijden, zo legt hij uit. “Vooraf stuur ik bepaalde info naar Bas. Daaruit kan hij zien wat wij kunnen verwachten van een tegenstander. Of er duidelijke patronen in hun spel te herkennen zijn. Als je bepaalde dingen weet, dan kun je daar bijvoorbeeld blokkerend op inspelen. Statistieken zeggen niet altijd alles, maar ze vormen wel een bepaalde basis in de wedstrijdvoorbereiding.”

 

Met één druk op de knop kan Baak alle gewenste beelden en de daaraan gekoppelde statistieken oproepen. Tot in de kleinste details kan de data-analist terugvinden wat noodzakelijk is. “Tijdens wedstrijden houd ik ieder balcontact bij. Ik registreer alles. In speciale codes schrijf ik op hoe iets gebeurt. Op de bank kan Justin op een tablet videobeelden van elke rally terugkijken. Ik kan alles filteren. Alles wat ik intoets wordt aan tijd gekoppeld. In de eredivisie is het verplicht om die gegevens bij te houden. Het is uitdagend om er steeds meer mee te doen. Bij Draisma Dynamo hebben we ook spelers die er wat mee kunnen. Dat is niet bij elke club zo.”

 

Om aan beeldmateriaal van tegenstanders te komen, moet hij weleens zijn uitgebreide netwerk aanspreken. “Die Turken, tegen wie we vorig seizoen in de Challenge Cup moesten, wilden geen beelden delen. Via via ben ik toch aan beelden van die ploeg gekomen. Als je de nodige mensen kent, spelen ze je beelden toe. In dit wereldje bestaat er veel onderling contact. Zo heb ik ook al contact gehad met een scout van Aalst.”

 

Frank Baak beleeft volop plezier aan zijn werkzaamheden voor Draisma Dynamo, alle ervaringen die hij opdoet in binnen- en buitenland en niet te vergeten het carpoolen in een Peugeot 108 met Wessel Anker en Mats Kruiswijk. De drie doorgewinterde volleybalforenzen leveren alleen al een prestatie van formaat door zich met hun lange lijven telkens opnieuw in het niet al te grote voertuig te wurmen.

 

Invloed op het verloop van de wedstrijden oefent hij niet uit, stelt de scout bescheiden. Het gaspedaal moet uiteindelijk toch door de spelers worden ingetrapt. “Ik kan typen wat ik wil. De spelers moeten het doen. Als ze niet serveren of blokkeren zoals zou moeten, gaan we er zelfs tegen een Topdivisionist af.”